Als het leven wiebelt, bieden woorden een houvast


Als het leven wiebelt, bieden woorden een houvast.

Het leven wiebelt. Soms slingert het zacht heen en weer, zoals een kind op een schommel. Misschien geef je het dan, net als dat kind, vol vertrouwen een extra duwtje, en ga je almaar hoger. Maar het leven kan ook wankelen, een kant op waggelen die je helemaal niet uit wil. Of het kan danig schudden en schokken, zodat je grondvesten daveren.
Op al deze momenten zijn er woorden.
WiebelWoorden zoekt ze samen met je op.
Omdat woorden helpen herinneringen te bewaren en belevenissen te delen. Omdat woorden een houvast bieden. En omdat het bijzonder prettig is woorden aan papier toe te vertrouwen.

Op dit blog vind je vooral woorden terug die binnen in mij wiebelden. Die zich puzzelden tot een anekdote, verhaal of gedicht.
Wiebel tijdens het lezen gerust mee op hun ritme.

zondag 29 mei 2011

Gedicht

je gomde me weg
zomaar
zelf schreef je
verder
zij het minder
sierlijk

zondag 15 mei 2011

Aardbei

Hannah hapt in een grote rode aardbei. Mama kocht het bakje aan een kraam langs de kant van de weg. Midden tussen de velden.
De aardbei smaakt naar vroeger.
Naar een dag ravotten in Averbode. En smodderen met smeuïg ijs op de terugweg.
Of naar Scherpenheuvel. Slenteren langs de vele stalletjes. Sneukelen van nougat en bonbons.
Naar bekvechten op de achterbank. Papa die roept. Mama die sust. Broer met een gespeeld bedrukt gezicht.
De auto die stopt in de avondgloed. Een zwart bord met witte letters: ‘Aardbeien te koop.’
De aardbei smaakt niet meer.
Papa is…

zondag 8 mei 2011

Gedicht

De tandenfee

Gisterenavond vloog een fee
zomaar langs mijn bed.
Ik had een potje met een melktand
op mijn nachtkastje gezet.

De tand die nam ze mee.
Ze legde er een cent.
Ze zoefde langs mijn bedrand,
fluisterde: je bent een flinke vent.

Ik knipperde mijn ogen open,
lachte lief naar haar.
Snel ben ik onder mijn deken gekropen.
Ik schrok, echt waar!

Weet je wat ik heb gezien?
Die fee heeft een reuzengrote mond.
De melktanden van alle kinderen
dansen daarbinnen in het rond.

zondag 1 mei 2011

Nieuw op mijn boekenplank

-Drakentaart/ Sandrine Lambert en Lotte Leyssens: draak Daan wordt vijf. Dat viert hij met zijn vriendjes en een grote taart. Zoals dat bij draken hoort, wil Daan de kaarsjes aanblazen. Helaas lukt dat niet. Maar Daan kan wel iets anders... Een eenvoudig, maar toch bijzonder verhaal, geschreven in een eenvoudige, maar mooie taal. En omdat driemaal scheepsrecht is: eenvoudige, maar schattige tekeningen die kinderen vast en zeker aanspreken.
Voor kinderen vanaf 4 jaar.
***

-Konijntjesbrood/ André Sollie: de koning en de koningin verwachten hun eerste kindje. De koningin  droomt van een wit konijntje, maar de koning hoopt dat het een rode eekhoorn wordt. Ze kibbelen er op los... Een ietwat bizar prentenboek in de geheel eigen stijl van André Sollie. Vol fantasie, poëzie, humor,... André gebruikte vooral collagetechnieken voor zijn illustraties, die op zich zoveel vertellen dat je ze kan blijven bekijken, maar tegelijk wondermooi samenspelen met de tekst.
Een hebbeding voor kinderen vanaf 6 jaar én volwassenen.
*****

-Ik heet Olivia en daar kan ik ook niks aan doen/ Jowi Schmidt: na de dood van haar moeder woont Olivia samen met haar vader 'tijdelijk' in een boot in de tuin van de kapsalon waar haar vader werkt. Alles is tijdelijk. Zo spraken ze het af. Een verhaal over rouwverwerking dat zich van andere onderscheidt door de ongewone personages en hun manier van leven. Ondanks het zware thema is dit boek soms grappig.
Voor kinderen vanaf 10 jaar.
**

-De bovenkamer van Jakob/ Evelien De Vliegher: Jakob verhuist naar 'Het Leliehof', het psychiatrische ziekenhuis waar zijn moeder directeur is. Daar gaat een nieuwe wereld voor hem open, ontmoet hij bijzondere mensen en beleeft hij vreemde dingen. Hij groeit er letterlijk en figuurlijk veel sneller dan goed voor hem is. Een intrigerend boek over groot worden, dat zich afspeelt in een ongewone omgeving. Geschreven in een prachtige taal met vele knappe vergelijkingen en metaforen.
Voor jongeren vanaf 12 jaar.
****

-Over zee/ Marleen Nelen: 1804. Acker woont met zijn vader en broer in een Engels visserdorp. Alle dagen gaan de mannen er de zee op. Maar Acker niet. Hij doet het huishouden, brengt zijn tijd door met Ione, de dochter van de vuurtorenwachter, en droomt ervan te kunnen vliegen... Marleen schrijft zo visueel dat je je tijdens het lezen van dit boek in de 19de eeuw waant. Ze zet de personages zo sterk neer dat je van de eerste tot de laatste bladzijde intens met hen meeleeft. Met dit verhaal won Marleen de 'Zoute Zoen 2010'.
Voor jongeren vanaf 14 jaar.
*****

dinsdag 26 april 2011

Scharminkel


Een hele poos al zijn Zoonlief en Beste Vriend zoet met tekenen en schilderen, maar plots vallen waterpotjes omver en vliegen  penselen door de lucht.
'Jij verbrodt mijn schilderij,' schreeuwt Zoonlief.
'Nietwaar!' verdedigt Beste Vriend zich. 'We tekenen gewoon samen.' Hij haalt uit naar Zoonliefs werk. Die trekt het snel weg. Een dikke oranje streep siert ons tafelblad.
'Rustig, jongens!' probeer ik de gemoederen te bedaren. Ik geef Beste Vriend een schoteldoek. 'Maak dat alvast maar weer proper.'
Hij kijkt me schuldbewust aan. 'Ik wil zo graag samen één ding tekenen. De ene het hoofd, de volgende het lijf,... dat is leuk.'
Na nog heel wat gehakketak geeft Zoonlief toe dat dat inderdaad leuk is. 'Maar dan moeten we wel met drie zijn...' beslist hij. 'Doe je mee, mam?'
Laat tekenen echt mijn ding niet zijn. Bovendien heb ik wel wat anders te doen. Maar vier ogen vol vraagtekens vermurwen me. Even later teken ik een ronde met snorharen op een vel papier. Onder de olifantenkop van Beste Vriend verzin ik een supersmal lijf. En bij de zebra-achtige figuur op het volgende blad krabbel ik iets wat moet doorgaan voor een pauwenstaart.  Als ik het vel met de ronde kop terugkrijg ga ik net als de jongens aan de slag met verf. Mijn tong hangt een stukje uit mijn mond. Ik werk mijn fantasiedier af met felgele ogen en ga weer over tot de orde van de dag. De vrienden trekken de tuin in.

Poetsen, koken, strijken, ik doe het allemaal trager dan gewoonlijk, want telkens weer word ik naar mijn tekening op de keukentafel gezogen, net als de damp uit mijn kookpotten naar de afzuigkap. Mijn misbaksel ligt er tussen de gekke beesten die de jongens schilderden. Zijn felgele ogen hypnotiseren me. Dringen door mijn huidporiën naar binnen. Mijn scharminkel krijgt een naam en twee broers. Het beleeft bijzondere dingen.
Ik klap mijn laptop open en tip...


zondag 17 april 2011

Gedicht

letters die  kletteren
en klateren op een blad
letters die schetteren
en schateren in ’t nat
die badderen en
fladderen zomaar
in ’t rond
letters die langzaam
               d
                r
            u
                 p
             p
              e
               n
                 op de grond

                               n
                           e
                        r
                           e
                        t
                     u
                        a
                     l
letters die k
snel naar omhoog
ze schrijven jouw naam
in mijn regenboog