Juli 1979
Ik ben dertien en samen met mijn vriendin, I. op vakantie in Bouillon met het ziekenfonds.
Overdag spelen we de gekste spelletjes, maken lollige uitstappen en zingen zo luid dat het in heel Bouillon te horen moet zijn.
's Avonds op de slaapzaal gaat de pret gewoon verder. We halen onze gezelschapsspelen boven, tateren erop los en organiseren (de durvers toch) een séance.
Met zijn vijven zitten we op de grond rond een kring van letters, cijfers en de woorden 'ja' en 'nee'. In het midden van de kring staat een glas. Daar leggen we elk onze wijsvinger op. We maken het muisstil. Ook de andere meisjes in de slaapzaal geven geen kik. Sommige loeren over onze schouders mee, andere verstoppen zich onder hun deken.
'Is hier een geest aanwezig?' vraagt I. Er gebeurt niks.
Opnieuw: 'Is hier een geest?'
Het glas schiet een tikje naar links. Meer beweging komt er echter niet in. De spanning is te snijden. I. stelt de vraag nogmaals. Het glas schuift opnieuw opzij. Aarzelend eerst. Maar algauw glijdt het zelfzeker naar 'ja'.
Ik hap naar adem.
Om beurt stellen we nu een vraag. Waar woon ik? Hoeveel broers heb ik? Hoe oud ben ik?...
Alles beantwoordt de geest correct. Nu we weten dat hij ons niet voor het lapje houdt, durven we ook gewaagdere vragen te stellen. Wordt de rest van de vakantie leuk? Zal ik later trouwen? Is G. verliefd op mij?...
Als I. vraagt hoe oud ze zal worden, slik ik. Het glas schuift traag naar de '9' en dan naar de '3'.
Oef! Zelf durf ik zoiets niet te vragen. Ook de andere meisjes doen dat niet.
Na deze vakantie gaan I. en ik elk naar een andere school. Enkele jaren later verliezen we elkaar uit het oog.
Juli 2012
Op een feestje stapt een vrouw die me vaag bekend voor komt op me af. 'Jij bent toch Veerle, hé?' vraagt ze.
Ik druk meteen op de aan-knop in mijn hersenen, maar mijn scherm blijft blanco tot ze zich voorstelt als 'W., de zus van I.' Dan zie ik weer het meisje dat ons enthousiast uitwuifde toen we vertrokken naar Bouillon, I.'s kleine zusje.
We geraken meteen aan de praat.
Als ik vraag hoe het met I. gaat, blinken haar wimpers plots zilverachtig.
'I. is in april overleden,' vertelt ze. 'Een auto-ongeluk.'
Ik vind even geen woorden.
De rest van de avond spookt I. door mijn gedachten. En met haar, die verdomde geest uit Bouillon.
'93' zou ze worden. Dat had hij beloofd.
Maar kijk, ze haalde niet eens de helft
Als het leven wiebelt, bieden woorden een houvast
Als het leven wiebelt, bieden woorden een houvast.
Het leven wiebelt. Soms slingert het zacht heen en weer, zoals een kind op een schommel. Misschien geef je het dan, net als dat kind, vol vertrouwen een extra duwtje, en ga je almaar hoger. Maar het leven kan ook wankelen, een kant op waggelen die je helemaal niet uit wil. Of het kan danig schudden en schokken, zodat je grondvesten daveren.
Op al deze momenten zijn er woorden.
WiebelWoorden zoekt ze samen met je op.
Omdat woorden helpen herinneringen te bewaren en belevenissen te delen. Omdat woorden een houvast bieden. En omdat het bijzonder prettig is woorden aan papier toe te vertrouwen.
Op dit blog vind je vooral woorden terug die binnen in mij wiebelden. Die zich puzzelden tot een anekdote, verhaal of gedicht.
Wiebel tijdens het lezen gerust mee op hun ritme.
Posts tonen met het label spiritueel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label spiritueel. Alle posts tonen
maandag 16 juli 2012
Abonneren op:
Posts (Atom)